Leven we in een oorlogstijd? Velen onder ons die één, of wellicht twee, van de wereldoorlogen hebben meegemaakt weten dat het toen heel anders, veel directer was, maar toch.... sluipenderwijs zijn we in de wereld van nu in een min of meer permanente oorlogstoestand geraakt, al of niet opgetuigd met een woord waar 'vrede' in voorkomt. En de pacifist in zo'n situatie, wat doet hij, wat voelt zij, hoe wordt er tegen hem of haar aangekeken?
Het is een bekend verschijnsel dat pacifisme bloeit vlak na een uitputtende oorlog. 'Dat nooit meer', klinkt het dan. Maar zodra die grote gekte die oorlog heet de kop weer opsteekt, dan komen er geluiden als: 'natuurlijk...,maar nu kan het niet anders'. De overtuigde pacifist zal blijven betogen dat oorlog, en vooral oorlogsvoorbereiding - waarbij te denken valt aan wapenindustrie en wapenhandel - geen optie kan zijn. Daarvan is het karakter te misdadig van aard. Bovendien is vrede na oorlog hoogstens een pauze in een voortdurend proces. De oorlog die een einde zal maken aan alle oorlogen bestaat niet.
Er zijn ook mensen die zichzelf geen pacifist noemen, maar die zich wél keren tegen de geweldsheerschappij. Zo iemand is Clemens Raming. Begin 2002 schreef hij een verhandeling ('De onveiligheidsfuik') over de situatie sinds de aanval op de Twin Towers van 11 september 2001. Daarin liet hij een kritisch geluid horen over de reactie van Amerika en Nederland, benevens die van de publieke opinie en van de radicale vredesbeweging hier te lande. Tevens schreef hij in die tijd een essay ('De kant van de antioorlogsbeweging') in de vorm van een brief aan ene Henk van Gelre, een gefingeerde naam van iemand die niet in de kansen van de vredesbeweging gelooft. Filosofische begrippen als rede en instinct stonden daarbij centraal. De verhandelingen zijn uitgebreid, maar heel in 't kort valt het volgende uit de inhoud te destilleren.
In de eerste plaats is er het huidig onvermogen van de radicale vredesbeweging om in de wereld van het politieke midden gehoor te vinden. Zij bevindt zich op een idealistisch eiland. Haar uitingen hebben het karakter van preken voor eigen parochie. Als voorbeeld van een naar buiten treden dat zijn doel voorbijschiet wordt het manifest 'tegen de "nieuwe oorlog"' genoemd, dat het gelijknamige platform eind september vorig jaar deed verschijnen. Tegelijkertijd bespeurt Raming dat er, althans in de westelijke wereld, in het bewustzijn van de mensen sprake is van een veranderende kijk op oorlog. Die wordt echter 'overruled' door de politieke elite. De huidige situatie in de wereld met één militaire supermacht, met in haar kielzog ook Nederland, baart zorg. Een vredesbeweging die hier haar morele gelijk tegenover stelt wordt als wereldvreemd ervaren, verkeert in een isolement. Hoe hier uit te komen?
Gevraagd om een reactie, heb ik Clemens geantwoord met een brief met daarin een viertal onderwerpen, aangegeven in tussenkopjes:
- Op een idealistisch eiland?
- Het manifest tegen de 'nieuwe oorlog'.
- De veranderende kijk op oorlog.
- Over rede, instinct, de kans van de antioorlogsbeweging, de politiek. In het navolgende vindt u de inhoud onder die kopjes integraal weergegeven, hier en daar iets geactualiseerd.
Op een idealistisch eiland?
Eerst iets over het gebruik van de woorden 'radicale vredesbeweging'. Uit je brief aan Henk van Gelre heb ik begrepen dat je liever spreekt over antioorlogsbeweging. Ik ben het daarmee eens. Gezien het te pas en te onpas gebruiken van het woord vrede in allerlei samenstellingen in militaire en machtspolitieke kringen kun je beter het beestje bij de naam noemen en de afschuw van het oorlogsbedrijf hierin tot uiting laten komen. Een tijdlang was het 'bon ton' om liever ergens vóór te zijn, dan tegen. Ten aanzien van kwesties als honger, 'pest' en oorlog is verhullend taalgebruik echter niet op zijn plaats.
Ongetwijfeld bevindt de antioorlogsbeweging zich op een eiland, dat wil zeggen, in een geïsoleerde positie. Het hele jaar gonst het in politiek - Nederland als in lange tijd niet is gebeurd. Verkiezingskoorts heerst. De media stonden en staan er bol van. Speelde en speelt het element oorlog of oorlogsvoorbereiding hier een rol in? Nauwelijks, en dit terwijl Nederland nota bene wel actief betrokken is bij de door president Bush geëntameerde 'War on Terrorism'. Je hebt, dunkt mij, zonder meer gelijk als je stelt dat we ons met de antioorlogsbeweging op een eiland bevinden. Het gaat echter te ver om daar het woord idealistisch voor te plaatsen.
Tegenstanders denken bij idealistisch aan goed bedoeld, maar onpraktisch, vooral ook aan het zich buiten de werkelijkheid plaatsen. Maar wat is die werkelijkheid? De werkelijkheid is dat, ondanks de enorme ontwikkeling die de mens heeft doorgemaakt hij nog steeds gevangen zit in het web van geweld en tegengeweld. Wetenschappelijk, technisch, organisatorisch heeft de mensheid in korte tijd enorm veel tot stand gebracht. Op het gebied van conflictbeheersing overheersen helaas nog steeds de primitieve reflexen. Die combinatie heeft de situatie voor de mensheid als geheel steeds gevaarlijker gemaakt. De middelen zijn nu dusdanig, dat ingeval van oorlog niet alleen levens op het spel staan, maar ook het leven zelf gevaar loopt. In dit verband gezien plaatst de antioorlogsbeweging zich niet buiten de werkelijkheid, maar er volop in. In die zin kan ze dan ook niet worden afgedaan als 'idealistisch', onpraktisch.
Eén ding dient daarbij wel onderkend, namelijk dat de werkelijkheid vele niveaus heeft. Wanneer medestanders en tegenstanders van de antioorlogsbeweging discussiëren, dan gaat het soms, of vaak, over verschillende werkelijkheden. Je verstaat elkaar dan niet. Het puur uitdragen van de antioorlogsboodschap, het ijveren voor geweldloze conflictoplossing kan dan in de alledaagse werkelijkheid wellicht het beeld oproepen van 'preken voor eigen parochie'. Toch kan ze als signaalfunctie niet gemist worden. Op een muur langs een spoorlijn in Hilversum staat sinds jaar en dag in keurige grote letters te lezen: 'Alleen mafkezen en heel dommen geloven in granaten en bommen.' Het houdt me bij de les. De mensen die vaak op ludieke wijze, en soms met grote inspanningen, attenderen op de gevaren van de atoombewapening houden zich bezig met een andere werkelijkheid dan heden ten dage leeft in de publieke opinie en bij de politici van het midden. Maar...omstandigheden veranderen soms snel. Werkelijkheden kunnen in elkaar overvloeien. Een bepaald signaal kan buiten 'de eigen parochie' lang onopgemerkt blijven, maar bij de veranderende situatie toch wel blijken te zijn gehoord. Wordt het dan omarmd, dan zal de 'parochie' waar het oorspronkelijk uit kwam zijn vergeten, maar dat is niet erg.
Het manifest tegen de 'nieuwe oorlog'
Aanvankelijk met verbazing en later geleidelijk met gedeeltelijke instemming las ik je kritiek op dit manifest. Toen ik het op 30 september 2001, bij de demonstratie op De Dam in handen kreeg, kon ik er geheel mee instemmen, ook met de door jou gewraakte passage, die ik hier nog eens laat volgen: 'Neem de voedingsbodem van het terrorisme weg. Militaire vergelding zal geen einde maken aan het terrorisme. Terrorisme is alleen effectief te bestrijden door de problemen op te lossen die de voedingsbodem ervan vormen. Terrorisme maakt gebruik van uitzichtloosheid die voortkomt uit sociale ongelijkheid en repressie (...). De internationale gemeenschap moet zich niet laten verleiden tot steun aan militaire acties, maar moet (in VNverband) een bijdrage leveren aan het vreedzaam oplossen van conflicten in de wereld, zoals in het MiddenOosten. Wraak is geen waardige reactie.'
Volgens jou wordt hier echter langs de werkelijkheid heen gepraat. Er wordt in het manifest voorbijgegaan aan het feit dat het bij militaire acties niet alleen gaat om wraak. Er is ook nog zoiets als zelfverdediging. Er wordt ook aan voorbijgegaan dat strijd tegen ongelijkheid en repressie, die de voedingsbodem voor terrorisme vormen, geen oplossing op korte termijn biedt. Een beroep op de VN heeft in dit verband ook niet veel zin, gezien het onvermogen van deze volkerenorganisatie wanneer een grote mogendheid bij een conflict betrokken is. Door dit alles niet te noemen, zo is je oordeel, wordt de lezer niet serieus genomen als iemand die zelf wil oordelen en kiezen. Je hebt zelfs het idee dat dit gebeurt volgens het geijkte patroon van het reclame en propagandawezen. Hier nu verschillen we van mening. Ik denk namelijk dat de opstellers van het manifest helemaal niet het idee gehad hebben om bepaalde zaken maar niet te noemen, omdat ze voor de goede zaak niet welgevallig zouden zijn. Neen, wat er gebeurd is, is dat de opstellers te werk zijn gegaan vanuit hun eigen nagestreefde werkelijkheid, namelijk die van oplossing op lange termijn, zonder oorlog. Dit staat nu eenmaal haaks op wat de gangbare werkelijkheid te bieden heeft. Je ziet het, ik kom toch weer terecht op het verschijnsel van de werkelijkheden van verschillend niveau.
Toch meen ik dat je iets heel belangrijks over antioorloguitingen als die van het manifest hebt aangegeven. Als je namelijk ook mensen, om jouw beeldspraak te gebruiken, van buiten je parochie wilt benaderen, dan moet je behalve aan je eigen visie ook aandacht schenken aan wat mensen in de gangbare werkelijkheid bezighoudt. Zo had in het manifest best aangegeven mogen worden, dat de eerste reactie van Bush bepaald een wraaklustig element bevatte, dat er volgens het handvest van de VN wel een recht op zelfverdediging bestaat, maar alleen als een land door een ander land wordt aangevallen. Bovendien, hoeveel oorlogen zijn niet juist ontstaan door een beroep op zelfverdediging? En... waarom geen zelfverdediging met andere middelen dan oorlog? (Prof. Van Dantzigh heeft kort na 11 september voor de tv al aangegeven dat wat op 11 september is gebeurd een heel grote misdaad was, een grove verstoring van de rechtsorde, waarvoor justitiële maatregelen de meest geëigende zijn). Enfin, je begrijpt dat je kritiek op het manifest na aanvankelijke verbazing te hebben gewekt ook voor mij in zekere zin aannemelijk is geworden.
Inmiddels zijn we al bijna een jaar verder. De oorlog is gevoerd. Over het aantal onschuldige burgerslachtoffers in Afghanistan bestaan geen officiële cijfers. Berekeningen wijzen uit dat het boven dat van de aanval op de Twin Towers is gelegen. Er wordt, behalve door de direct getroffenen, niet moeilijk over gedaan, 'collateral damage' (bijkomende schade). Eerlijkheidshalve moet gezegd dat er ook zoiets is als 'collateral advantage' ( bijkomend voordeel); het verfoeilijke regime van de Taliban heeft het loodje gelegd. Het netwerk van AlKaida bestaat echter nog steeds.
Koos de Beus
Klik hier om naar deel 2 te gaan.