Vertegenwoordigers van zestien joodse vredesgroepen met een zeer verschillende achtergrond en samenstelling, afkomstig uit acht Europese landen, voor het eerst bijeen op 19 en 20 september 2002 te Amsterdam op uitnodiging van "Een Ander Joods Geluid", hebben de volgende verklaring gezamenlijk ondertekend:
"Wij zijn van oordeel dat de enige manier om uit de huidige impasse te komen, is het sluiten van een overeenkomst die gebaseerd is op de vorming van een onafhankelijke en levensvatbare Palestijnse staat en de garantie op veiligheid en vrede voor Israël en Palestina.
Hiervoor is nodig:
- onmiddellijke beëindiging van de bezetting van de Westoever, Gaza en OostJeruzalem en erkenning van de grenzen zoals deze waren op 5 juni 1967;
- volledige ontruiming van de joodse nederzettingen in de Bezette Gebieden;
- erkenning van het recht van beide staten om Jeruzalem als hun hoofdstad te kiezen;
- erkenning door Israël van haar medeverantwoordelijkheid voor het ontstaan van het Palestijnse vluchtelingenprobleem. Israël moet het principiële recht van Palestijnen op terugkeer erkennen. De oplossing van het probleem moet bereikt worden door middel van een overeenkomst tussen de betrokken partijen, die gebaseerd is op rechtvaardige en praktische gronden. Deze overeenkomst moet een vorm van compensatie inhouden en het recht op terugkeer naar het gebied van de Palestijnse staat of naar het grondgebied van de staat Israël, dit laatste zonder het voortbestaan van Israël in gevaar te brengen. Wij roepen de internationale gemeenschap en in het bijzonder Europa op, om de uitvoering van zo'n overeenkomst politiek en financieel te steunen."
Genoemde joodse vredesgroepen roepen de Israëlische regering op haar huidige politiek te wijzigen en de vier punten in de verklaring ten uitvoer te leggen. Ook vragen ze alle andere regeringen, de Verenigde Naties en de Europese gemeenschap, daartoe druk uit te oefenen op de Israëlische regering.